Vliegen zonder vleugels

Herken je dit beeld? Een jonge, onervaren stagiaire staat voor de klas en de docent zit achterin de klas te observeren. De klas is onrustig, druk, de stagiaire heeft moeite met klasmanagement en de les valt voor een groot deel in duigen.
De docent achterin maakt ijverig aantekeningen, tip na tip of leervraag na leervraag wordt opgeschreven. Weer een goed leermoment voor de stagiaire, maar… wat met de gemiste leermomenten van de leerlingen?

In een schoolsysteem waar ontdekkend leren wordt gepromoot, past dit perfect. Op onze school, een school die evidence-informed werkt, past dat niet.

Voor ik hier verder op in ga, eerst even een zijsprongetje. Waarom is ontdekkend leren nu precies zo inefficiënt? Wel, het is een proces van trial and error. Je hebt een doel, een gewenste eindsituatie, en je onderneemt een bepaalde actie om dichter bij dit doel te komen. Wanneer je merkt dat dat niet lukt, keer je terug naar de vorige situatie en ga je van daaruit opnieuw proberen. Merk je dat je wel dichter bij je doel bent gekomen, dan ga je vanaf dat punt weer verder proberen om een volgende stap te nemen richting je doel. Je vergelijkt dus telkens de huidige staat (waar sta ik nu) met de situatie die je wilt bereiken. Wanneer je op de grens van de kennis zit en je wel moét experimenteren, dan is er geen andere mogelijkheid. Wanneer die kennis echter aanwezig is, bijvoorbeeld in de vorm van een ijverig schrijvende docent achter in de klas, is ontdekkend leren zeer inefficiënt en zeer frustrerend.

Als je daarbij in beschouwing neemt dat de lerarenopleidingen eigenlijk zeer weinig tijd en aandacht besteden aan klassenmanagement, dan wordt de stagiaire dus geplaatst in een situatie van ontdekkend leren. Klasmanagement is een vak op zich. Er is al veel onderzoek naar gedaan en er is toch al redelijk bekend wat wel of niet werkt. Een voorbeeld is bijvoorbeeld het proactief handelen, waarbij je ervoor zorgt dat je ongewenst gedrag voorkomt door leerlingen expliciet aan te leren hoe ze zich moeten gedragen in bepaalde situaties (bv. bij momenten in de les waar er geswitched wordt van overleg in tweetallen naar zelfstandig werken). Wanneer je een ervaren docent aan het werk ziet en die docent heeft de klas perfect onder controle, dan is dat vaak omdat die docent vooraf al heel duidelijk heeft gemaakt wat hij van de leerlingen verwacht. Als je die docent gaat observeren op een moment waarop hij niks meer doet dan die verwachtingen handhaven, ben je eigenlijk al te laat en zie je niet meer hoe het nu écht komt dat die leerlingen zich zo goed gedragen. Vaak denken mensen dan dat die docent “het gewoon in zich heeft” en hoewel er zeker mensen zijn autoriteit uitstralen, heb ik persoonlijk ook al een aantal stevig gebouwde mannen flinke ordeproblemen zien hebben (of kleine fragiele mannekes die het geweldig doen). Het is geen kwestie van “je hebt het of je hebt het niet”, je kunt het leren (tenzij je (leer)pleinvrees hebt, dan wordt het lastig).

Met onze leerlingen proberen we zo vaak mogelijk te werken volgens het principe “Ik doe het voor, wij doen het samen, je doet het alleen”. Waarom? Omdat dat het meest effectief is. Een expert laat zien hoe het moet, begeleid vervolgens het inoefenen, waarbij ook meteen fouten kunnen bijgestuurd worden. Wanneer de pupil er klaar voor is, kunnen de vleugeltjes gespreid worden en vliegt hij/zij zelfstandig de wijde wereld in (of in dit geval het klaslokaal).

Toch begeleiden veel docenten hun stagiaires volgens het principe “Ik doe het voor, jij doet het alleen”. Het stukje “wij doen het samen” wordt overgeslagen. Waarom eigenlijk? Wel, wanneer je die vraagt stelt, krijg je vaak het antwoord “Op die manier leren ze het beste”, “Je moet het zelf ervaren en kunnen oplossen.” of (de dooddoener van de week) “Je moet op zoek gaan naar wat bij je past.”

Ik moet dan altijd weer denken aan dat fragment uit “100 dagen voor de klas” waar de stagiaire vroeg “Als ik het moeilijk heb, kom je me dan helpen of laat je me spartelen?” en de begeleider antwoordt “Dan laat ik je spartelen.” In het stukje wat ik daarover heb geschreven, wordt volgens mij wel duidelijk hoe ik daar over denk.

Als een leerling dat aan jou vraagt, ga je dat dan ook zeggen? Als een chirurg wordt opgeleid en hij zegt zoiets, zou dat dan ook gezegd worden? Of een chef-kok in opleiding, die moeten koken voor de gasten in het restaurant. Zou de begeleidende chef-kok ook zeggen “Spartel maar”, wetende dat zijn gasten óf hun eten veel te laat krijgen óf een aangebrand stuk vlees op hun bord krijgen? Dacht het niet he.
Kijk, wanneer die chirurg in opleiding oefent op een pop of virtueel, dan snap ik het. Dan zijn er geen gevolgen en soms kan een beetje worstelen ook wel goed zijn. Wanneer die chef-kok in opleiding een beetje spartelt, maar het experimentele eten niet hoeft te serveren, dan snap ik het. Wanneer een docent in opleiding een proeflesje geeft voor zijn klasgenoten, dan snap ik het. Wanneer een docent in opleiding een les geeft voor échte leerlingen, dan snap ik het niet.

Alle leerlingen hebben recht op goed onderwijs. Alle leerlingen hebben recht op iemand die dus ook een situatie neerzet waar goed onderwijs gegeven kan worden (lees: klassenmanagement). Waarom is het leermoment van die stagiaire blijkbaar meer waard dan de effectiviteit van de les voor 15-30 leerlingen?
Kan iemand me dat uitleggen?

Eerder deze week zag ik het voorbeeld bij ons op school. Een collega was eventjes uit het lokaal gelopen en de stagiaire stond alleen voor de klas. Nu, echt drukke klassen hebben we niet, maar wanneer leerlingen de kans zien en ze zien dat er iemand staat die de grenzen niet consequent hanteert, dan zullen ze natuurlijk de grenzen gaan opzoeken. De grenzen liggen bij ons redelijk hoog, dus het is dan niet meteen schreeuwerig of onbeschoft gedrag, maar wel bv. fluisteren wanneer de docent iets uitlegt.

Dat was precies wat er gebeurde in de les. Ik zag de stagiaire iets uitleggen op het bord en ik zag dat een paar leerlingen, dwars door haar uitleg heen, tegen elkaar aan het fluisteren waren. Dan zijn er twee opties, óf ik loop de les binnen en geef die leerlingen demerits, óf ik vraag in dit geval de begeleidende docent (die vlakbij me stond) om in te grijpen. Dat heeft níks te maken met de kwaliteit van die stagiaire, ook dit is voor haar een leermoment. Blijkbaar was ze niet duidelijk genoeg in wat ze verwachtte van de kinderen of was ze iets te laks met de regels.

Wanneer je niet ingrijpt, heb je dus een deel van de leerlingen die de uitleg niet meekrijgt (+ een deel dat het probeert, maar afgeleid wordt door die pratende leerlingen). Wat is dan het gevolg? In het beste geval zul je zien dat er tijdens het zelfstandig oefenen plotseling veel vragen zijn. Dan zie je vaak de docent van hot naar her rennen om vragen te beantwoorden. Als zoiets een paar lesjes gebeurt, zul je snel merken dat een aantal leerlingen achter gaat lopen en vervolgens de nieuwe stukjes stof niet meer kan linken aan wat ze al zouden moeten kennen. Dát is hoe leerlingen afhaken en gedemotiveerd worden.

Toen ik een aantal jaar geleden stagiaires begeleidde, was ik die docent die achterin de klas ijverig zat te schrijven. Ondertussen weet ik, volgens mij, wel beter. Een stagiaire observeert eerst lessen. Vervolgens staan we samen voor de klas. Ik laat hem (voor het gemak gebruik ik hier even hem/hij) kleine stukjes doceren en zodra hij een fout maakt, sta ik naast hem om bij te sturen zodat de klas nog steeds zo goed mogelijk les krijgt. Daarna doe ik beetje bij beetje een stap achteruit en kan de stagiaire steeds zelfstandiger voor de klas staan.

Heb ik het hier dan over eerstejaars studenten? Nee hoor, ik vind dat zelfs studenten die afstuderen in eerste instantie zo begeleid moeten worden. Wellicht zul je bij hen zien dat je al veel sneller die stapjes terug kunt doen, maar ik neem geen enkel risico. Mijn leerlingen staan centraal. Het draait tenslotte om hen. De chef-kok gaat zijn klanten geen minderwaardig eten serveren omdat zijn stagiaire moet leren. Net zo min ga ik mijn leerlingen minderwaardige lessen serveren omdat mijn stagiaire het moet leren.



Volg me op Twitter voor meer edu-tweets: GertVerbrugghen

Gepubliceerd door Gert Verbrugghen

Al jarenlang ben ik gepassioneerd door het onderwijs. Ondertussen sta ik al 15 jaar voor de klas (in 2020). De laatste 5 jaar heb ik me met name verdiept in evidence-informed lesgeven, d.w.z. gebaseerd op onderzoek.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: